Afstand: 10,0km (23,5km met Schnidehorn en Wildhorn)
Duur: 3h30 (12h00 met Schnidehorn en Wildhorn)
Klimmen: 300m (1770m met Schnidehorn en Wildhorn)
Dalen: 1350m (1770m met Schnidehorn en Wildhorn)
Bergtoppen: Schnidehorn (2937m), Wildhorn (3248m), Iffighore (2378m)
Bergpassen: Schnidejoch (2756m)
De volgende ochtend was het nog nacht toen ik opstond. Vlug speelde ik een ontbijt naar binnen, en nam dan het topvak van mijn rugzak alwaar ik al mijn kledij in stopte, de kaart met compas, mijn thermos gevuld met water en twee ontbijtkoeken. De rest van mijn spullen liet ik achter in mijn rugzak in de winterraum. Onder een onbewolkte hemel gevuld met sterren vertrok ik in de duisternis op weg. De sneeuw was hard geworden zoals ik verwacht had. Na goed 300 hoogtemeters klimmen over de morenerug kwam ik onderaan de eindtong van de Tungelgletsjer uit in het aanschijn van de Schnidehorn. De hemel kreeg zijn donker blauwe kleur en de sterren waren inmiddels weggekwijnd. Hier gespte ik mijn stijgijzers onder de schoenen, stak dan de eindmorene over en begon steil te klimmen in de richting van de top van de Schnidehorn, een tiental meter onder de westkam blijvend. Het uitzicht over de Tungelgletsjer op de Wildhorn werd
adembenemend. Bovendien hulde de opkomende zon aan de andere kant van de bergkam, de Wildhorn en zijn oostkam in een fantastisch schouwspel van schaduw en licht. Steil klom ik over de sneeuw verder. Net onder de top werd de helling erg steil. Voorzichtig klom ik verder op de sneeuw tot ik op de kam uitkwam en de Walliser Alpen voor me aan de horizon verschenen. De laatste meters klom ik met stijgijzers aan over de smalle rotskam verder naar de top.
De Schnidehorn bestaat uit twee even hoge toppen. Ik beperkte me tot de westelijke top. De oostelijke top was gevaarlijk om te bereiken door de sneeuw op de smalle kam. Het uitzicht bleef adembenemend. Vooral voor het zicht op de Wildhorn vormt de Schnidehorn een uitstekende uitzichtsberg. Er blies een zwakke wind uit het zuidwesten. Na een vijftal minuten op de top daalde ik weer af over de kam. Beneden op de sneeuw koos ik nu niet meer om over dezelfde route terug te keren maar om nu juist pal naar beneden af te dalen in de richting van de Schnidejoch. Hier kwam ik niet veel later aan en nam op deze col een korte rustpauze waarbij ik ook mijn stijgijzers af deed. Daarna vertrok ik op weg naar de top van de Wildhorn.
De klim voert nu over de oostkam van de Wildhorn en is nog goed voor twee uur labeur. De kam kent stukken stijgen en dalen zodat je de berg absoluut niet meteen cadeau krijgt. Hogerop kwam ik aan de bovenrand van de Glacier des Ténéhet uit die tot op de kam komt. Ondanks dat de gletsjer bijna spletenvrij zou moeten zijn verkoos ik toch om over de kam verder te klimmen. Hogerop rond de 3000m grens diende ik mijn stijgijzers opnieuw aan te trekken. De sneeuw was hier op stukken steenhard en glad, terwijl de rotsen zelfs bedekt waren met ijs. Terwijl ik mijn stijgijzers aan trok kwam er een klein vliegtuigje over de Glacier des Ténéhet rondjes cirkelen. Wanneer ik een eind verder op pad was zag ik hem meermaals een landing maken op de gletsjer om dan met de snelheid die hij nog had een bocht van 180° te maken op de sneeuw en weer op te stijgen. Het vliegtuigje had korte ski’s als landinggestel.
Toch gevaarlijk wat hij deed. Er moesten eens een paar klimmers over de gletsjer naar boven komen komende van de Cabane des Audanes. Hij zou er nog knal tegenaan vliegen want op de convex-vormige gletsjer kon je onmogelijk iemand van beneden zien aankomen. Blijkbaar dus iemand die vandaag niets beters te doen had dan zich wat te amuseren met zijn privévliegtuigje.
Nog een eindje verder net wanneer ik de Glacier des Ténéhet diende op te lopen omdat ik niet meer over de kam verder kon, landde onze vriend vlak voor mijn neus, draaide zijn vliegtuig met 90° en bleef dan stil staan. Ik wandelde verder over de gletsjer achter het vliegtuig door. Er waren twee inzittenden. Ze bekeken me net alsof er een buitenaards wezen voor hun neus voorbij liep. Dan kwam ik op een 3100m aan op de laatste bult op de kam voor de echte top.
Vanaf hier zag ik nu pas voor het eerst de top van de Wildhorn van dichtbij, best wel een indrukwekkend zicht. Het laatste stuk moest ik nu over de Glacier des Audannes klimmend overbruggen om dan langsheen de graat naar de top te klimmen. Heel de route was nog vrij van voetsporen. Ik moest dus de eerste zijn die de top ging bereiken sinds de sneeuwval van het voorbije weekend.
Ik daalde de bult af via een korte schacht en liep dan over de gletsjer naar boven. Ongeveer halfweg merkte ik twee klimmers op die op de Glacier de Ténéhet naderden. Hogerop klom ik vervolgens door diepe sneeuw langsheen de kam naar de top. De laatste meters liepen over met sneeuw bedekte rotsblokken. Ik kwam het topkruis tegen, maar was eigenlijk nog niet op het hoogste punt. Het topkruis staat op de oosttop terwijl de Wildhorn bestaat uit twee toppen waarvan de westelijke top een 2 meter hoger is dan de oostelijke. Op de oostelijke top was het ook luchtig met niet veel plaats. Ik vervolgde mijn weg over de smalle besneeuwde kam naar de westelijke top die langgerekter en minder klein is als de oosttop. Hier genoot ik voor meer dan een half uur van het uitzicht. Een uitzicht waar je wel even voor gaat zitten.
76 vierduizenders van de 82 die de Alpen rijk zijn kan je in theorie van op de top waarnemen, beginnende bij Mont Blanc (4807m), Monte Rosa (4634m), Dom de Mischabel (4545m), Weisshorn (4507m) en ga zo maar verder. Twee van de ongelukkige vierduizenders die je niet kan zien zijn de Finsteraarhorn, verborgen achter de Jungfrau en de Matterhorn, verborgen achter de Dent Blanche. Ik zag ook onder meer Mont Buet (3096m) en de Haute Cime (3257m), twee bergen waar ik een maand eerder nog op de top stond.
In de tijd dat ik maar zat rond te turen kwamen de twee andere klimmers aan op de oostelijke top. Ik geloof dat ze er maar welgeteld tien seconden zijn gebleven want plots waren ze weer verdwenen.
Onbegrijpelijk, daarvoor zou ik geen berg beklimmen. Nadat ik alles deftig aanschouwd had begon ik met de afdaling. Ik volgde dezelfde weg tot aan de plek waar onze vriend daarstraks met zijn vliegtuig landde. Inmiddels was hij al lang weer opgestegen en zoemde ergens tussen de bergen rond. Vanaf hier verkoos ik om nu over de Glacier de Ténéhet af te dalen en niet meer over de kam. Halfweg op de gletsjer kwam ik nog een oude Zwitserse klimmer tegen. Hij was die ochtend vertrokken aan de stuwdam van het Lac de Tseuxier (1777m) en vroeg me hoe het was op de top. Hij vertelde me nog onder meer dat hij een stuk van mijn sporen had gevolgd op de kam. Ik wenste hem nog een prettige dag en daalde verder af. Zo verliet ik noodgedwongen een stuk lager de gletsjer om zo weer een eind over de kam af te dalen. Nog een eind lager gingen de sporen van de oude man en die van mij uit mekaar. Ik besliste om van de kam weg te dalen en zo zijn sporen te volgen. Hij kwam van het Lac de Tseuxier dus wist ik dat hij een stuk onder de Schnidejoch dit hangende dal was ingelopen.
Doorheen een aantrekkelijk dalletje daalde ik dus verder af over zijn sporen tot ik beneden, nog een stuk boven het Lac de Ténéhet (2440m) uitkwam, een 150m onder de Schnidejoch. De sneeuw was op deze hoogte zacht geworden door de brandende zon.
Ik had het ook erg warm gekregen zodat ik in mijn thermisch onderhemd en een hemd verder liep. Toch hield ik even halt op een plek waar onder toedoen van de zonnewarmte smeltwater langsheen een rotshelling naar beneden kabbelde. Hier vulde ik mijn thermos weer helemaal vol en dronk een goeie liter van het water rechtstreeks op. Dan draaide ik het dalletje links in dat verder steeg naar de Schnidejoch (2756m).
Niet veel later kwam ik op deze col terug uit. Ik vervolgde meteen mijn weg langs de
andere kant van de col. De route liep nu een eind verder al afdalende langsheen de Tungelgletsjer met het mooie zicht op de Wildhorn. Deze route was gemarkeerd met steenmannen. Hier en daar trof ik hier weer veel sneeuw aan, op stukken moet het ongeveer een meter dik hebben gelegen. Beneden aan de eindtong van de gletsjer stak ik na een korte pauze waarbij ik mijn jas weer had aangetrokken, de eindmorene weer over en daalde tot slot nog over de zijmorene weer af naar de Wildhornhütte waar ik omstreeks 15h00 aankwam.
Ik had geen zin om weer een nacht in de hut te overnachten en besloot om maar meteen verder af te dalen naar Poschenried. Daar zal ik dan wel een heel eind na zonsondergang pas gaan aankomen, maar dat kon me niet deren. Onderweg naar de Iffisee kwam ik weer veel stukken ijs tegen. De sandrvlakte onder de Wildhornhütte onder meer was een halve schaatsbaan geworden. Bij de Iffigsee (2065m) verkoos ik om weer te klimmen naar de Iffighore (2378m), een bescheiden uitzichtsbergje met weer een goed zicht op de Wildhorn. Van op deze top daalde ik tot slot nog verder af naar
Poschenried terwijl de zon onder de horizon wegzakte wanneer ik nog maar pas de Iffighore verliet. Halfweg verscheen alweer de schitterende bergsterrenhemel met zijn duizendvoud aan sterren in vergelijking met de sterrenhemel in ons met licht vervuilde Belgenlandje. Bij Poschenried (1256m) aangekomen bereidde ik nog een maaltijd, ging weer slapen in de wagen nadat ik gegeten had en vertrekte de volgende ochtend weer huiswaarts nadat ik nog een bezoekje had gebracht aan de Iffigfall tijdens de ochtend. 
Recent Comments